Vakantie planner

First Minute vaste prijs garantie!
Met een gemiddelde van 9.1 beoordeeld

Natuurgebieden

Toerist Informatie Friese Natuurgebieden!

Diversiteit landschappen

Friesland is met 5748 vierkante kilometer de grootste provincie van Nederland. Het is dan ook niet gek dat het landschap van deze provincie een grote diversiteit kent. Deze diversiteit is voornamelijk onstaan door de verschillende bodemsoorten die de provincie rijk is.

Als u goed naar de kaart van Friesland kijkt, ziet u dat bijna alle meren ongeveer op één lijn liggen tussen Stavoren en Burgum. Deze lijn is ook de scheiding tussen de diverse bodemsoorten. De meren zijn onstaan in veengebied, door verzakking van de veengronden of door afgravingen hiervan. Daarna is Friesland in te delen in de volgende grond soorten. Zandgrond in het oosten, veengrond in het midden (zie ook de meren), kleigrond in het westen en langs de hele noordkust ligt zeeklei. Door deze verschillen zijn de volgende natuurtypen ontstaan:
  • Heide
  • Wad en kwelder
  • Laagveenmoerassen
  • Graslanden
  • Bos
  • Eendenkooien

Heide

Met hun roze tot paars gekleurde vlakten vormen heidevelden een kenmerkend landschapselement in Noordwest Europa. In de 19e eeuw bedekten uitgestrekte heidevelden de hogere en schrale zandgronden in Nederland. Het waren woeste gronden met een belangrijke economische betekenis: grote schapenkuddes graasden er en leverden, behalve wol en vlees, mest voor de plaatselijke landbouw. Met de introductie van kunstmest verdwenen de heidevelden geleidelijk. It Fryske Gea heeft enkele van de nog in Fryslân overgebleven heideterreinen in beheer, met als doel deze voor de toekomst te bewaren. Dit zijn de Liphústerheide, de Kapellepôle, de Delleboersterheide, de Bakkefeansterdunen en de Heide fan Allardseach in het Mandefjild, de Schaopedobbe en de Ketlikerheide en de heide bij het Ketliker Skar.

Wad en kwelder

Het waddengebied is één van de weinige natuurlijke landschappen van Nederland. Het is een ‘creatie’ van de zee, die zorgt voor materiaal en structuur. Het waddengebied heeft een gevarieerde bodemsamenstelling en sterk wisselende milieu-omstandigheden, waardoor het een geheel eigen plantenleven kent. Daarnaast komt er een typische wadfauna voor, van op en in de bodem levende wormen, schelpdieren en kreeftachtigen. Het is bovendien een kraamkamer voor verschillende vissoorten. Het in groten getale voorkomen van al deze dieren lokt veel vogels aan. Het waddengebied ligt voor veel vogels op de trekroute tussen Afrika en Noord-Skandinavië en is dan ook als rust- en foerageergebied voor vogels van grote internationale betekenis.

Laagveenmoerasen

Op de venige gronden in het zogenoemde Lage Midden van Friesland, tussen Dokkum en Stavoren, ligt een aantal laagveenmoerassen. Deze laaggelegen en natte terreinen kregen de kans om zich op natuurlijke wijze te ontwikkelen, omdat ze voor agrarisch gebruik onrendabel waren. Hierdoor zijn de laagveenmoerassen uitgegroeid tot rijke en zeer gevarieerde natuurgebieden, die voor sommige planten- en diersoorten de laatste levensruimte vormen. Ze zijn dan ook van groot belang voor natuur en wetenschap en tegenwoordig, dankzij de natuur- en waterrijkdom, ook voor de recreatie. It Fryske Gea beheert een aantal van deze laagveenmoerassen, waaronder Nationaal Park De Alde Feanen bij Earnewâld, het grootste aaneengesloten natuurgebied van Fryslân. Daarnaast zijn er nog diverse andere moerasterreinen in beheer bij It Fryske Gea: Bûtenfjild, Petgatten De Feanhoop, Unlân fan Jelsma en Kobbelân, Lendevallei, Easterskar, Ychtenerfeanpolder, Teroelster Sipen en Bancopolder.

Graslanden

Graslanden vormen het meest algemene landschapstype van Fryslân. In het verleden zijn, afhankelijk van de milieu-omstandigheden, verschillende graslandtypen ontstaan waarbij vooral de grondwaterstand en de voedselrijkdom van belang zijn geweest. Dankzij een aan deze omstandigheden aangepast agrarisch beheer ontstonden vochtige, droge, schrale en voedselrijke graslanden. Elk met kenmerkende levensgemeenschappen en soortensamenstelling. Door ontginning en moderne agrarische technieken is in de 20e eeuw veel van de diversiteit in en van graslanden verdwenen. Van wat er nog rest aan oorspronkelijke graslanden in Fryslân wordt een deel beheerd door It Fryske Gea. Het gaat hierbij om de Eanjumer Kolken, Grutte Wielen, Polders Koarnwert en Makkumersúdmar, Warkumerbinnenwaard, Aeltsje- en Warkumermar, Mûntsebuorsterpolder, De Ryp en Sypset, Dune- en Follegeasterpolder, Sudermarpolder, Huitebuersterbûtenpolder en rond de Alde Feanen.

Bossen

Duizenden jaren geleden was Fryslân grotendeels bedekt met uitgestrekte bossen. Die lagen vooral op wat we nu kennen als de veen- en zandgronden. Hieraan danken bijvoorbeeld de Friese Wouden hun naam. Deze zogenaamde oerbossen zijn uiteindelijk ten onder gegaan aan veranderingen in het klimaat en aan menselijk ingrijpen. Vanaf het midden van de 19e eeuw werden wel nieuwe bossen aangelegd, maar Fryslân is met een areaal bos van ongeveer 9.500 ha nog steeds relatief bosarm. It Fryske Gea hecht daarom veel waarde aan het in stand houden en uitbreiden van haar bosterreinen.

Eendenkooien

Eendenkooien vormen al eeuwenlang een kenmerkend element in het Friese landschap. Al in de Romeinse tijd werd op vergelijkbare wijze op eenden gejaagd. Vooral in de 15e en 16e eeuw kende Fryslân een levendig kooikersbedrijf, met tientallen kooien verspreid over de provincie. In de 18e en 19e eeuw kwam, door verminderde vangsten, de klad in het kooikersbedrijf. Hierdoor zijn veel kooien verdwenen of in verval geraakt. Van de overgebleven eendenkooien heeft It Fryske Gea er acht in beheer: de twee Van Asperen einekoaien in de Eanjumer Kolken, de Buismanskoai en de Kobbekoai bij Gytsjerk, de Casteleinskoai en de Mulderskoai bij Lytse Geast, de Van Asperen einekoai bij Alde Miede en de Buismanskoai bij Piaam.

Bekijk onze jachten                Vraag nu een brochure aan

Wij krijgen van onze gasten een gemiddelde beoordeling van 9.0! Bekijk alle beoordelingen